Hoe keltisch is Halloween?

Je kunt geen website lezen, geen krant openslaan of je leest dat Halloween een voortzetting is van het keltische feest Samhain dat door Ierse immigranten meegenomen is naar de Verenigde Staten. Maar hoe verwant is dit feest, dat toch genoemd is naar Allerheiligen (‘halloween’ is een samentrekking van ‘all hallows eve’, ofwel: allerheiligenavond), nu echt aan Samhain? Hoe heidens zijn de symbolen en rituelen waarmee de kinderen vandaag de dag langs de deuren gaan?

Voor het antwoord moeten we twee sporen bewandelen. Eerst zoeken we naar de oude traditie van Samhain. Daarna kijken we wat de oorsprong is van het christelijke Allerheiligen en Allerzielen. Daarna kunnen we pas bepalen welk feest waarop van invloed is geweest. Het probleem is dat de oudste bronnen over Samhain onduidelijk zijn. Pas in veel later eeuwen, vanaf de zestiende eeuw, beginnen er betrouwbare bronnen te komen. Maar dan is Ierland al door en door christelijk.

 

De oorsprong van Samhain

fragment van de kalender van Coligny

Als oudste bron voor het bestaan van samhain wordt de keltische kalender van Coligny uit de eerste of tweede eeuw na Christus genoemd. De kalender van Coligny deelt het jaar in in twee seizoenen: een winterseizoen en een zomerseizoen. Het jaar begint met de maand samonios en het andere seizoen met de maand giamonios. De maand samonios begint met een driedaags festival trinoxtion samonii. Hoewel het idee verleidelijk is, is het niet zeker of samonios hetzelfde is als samhain. De wetenschappers voeren nog discussie of de kalender begint in het voorjaar of in het najaar. Trinoxtion samonii zou dus ook kunnen verwijzen naar een feest aan het begin van de zomer (Beltane?).

Sowieso kun je de data van deze feesten niet vastleggen op 1 mei of 31 oktober op onze kalender. De keltische kalender telt in maan-maanden. De dagen verschuiven ieder jaar ten opzichte van onze zonnekalender. Het enige dat we kunnen concluderen is dat er een driedaags feest is geweest dat mogelijk in de herfst plaatsvond en misschien de naam heeft die in latere Ierse bronnen samhain genoemd wordt.

Wat vierde men met samhain? Vanaf de tiende eeuw vinden we verhalen en mythen, waaronder de Tochmarc Emire de beroemdste is, opgeschreven door Ierse monniken. (Het christelijke geloof leeft in Ierland sinds Sint Patrick en Sint Brigid eind vierde of vijfde eeuw de eerste kloosters stichten.) In deze mythen komt een beeld van samhain naar voren van grote bijeenkomsten van krijgsheren, van duistere machten, monsters en elfen die de aardse koningen bedreigen, van ridders die een eed afleggen en helden die de monsters overwinnen. Als deze mythen een kern van historische waarheid bevatten, dan was samhain de tijd voor grote raadsvergaderingen. De krijgsheren riepen bovenaardse machten te hulp om de relaties tussen verschillende stamhoofden en manschappen te ordenen en om de bovennatuurlijke wereld te raadplegen voor de toekomst. Het blijft de vraag over welke historische periode deze mythische verhalen spreken. De terugkeer van de doden in het rijk van de levenden is geen thema in deze mythen, oogst of nieuwjaar evenmin. Samhain bestond in de tiende eeuw niet uit een bedelfeest waarbij verklede kinderen met kaarsen in een uitgeholde pompoen langs de deuren gingen. Hooguit zie je elementen van licht en vuur, van (angst voor) bovennatuurlijke krachten terugkomen in het huidige Halloween.

 

De oorsprong van het feest van Allerheiligen

Allerheiligen is in de achtste eeuw door paus Gregorius III verplaatst naar 1 november. Verplaatst, want het feest bestond al in de eeuwen daarvoor. Al vroeg ontstond de gewoonte om in het voetspoor van Jezus’ dood ook de dood van de martelaren te gedenken. In de vierde eeuw schrijft men over collectieve gedenkdagen voor martelaren, soms in de week na Pasen, soms de dag voor Pinksteren. In 609 of 610 wijdt paus Bonifatius het pantheon in Rome toe aan alle gestorven heiligen. De wijdingsdag van deze kerk, 13 mei, wordt zo de feestdag van Allerheiligen. Is een eeuw later het pantheon niet meer in gebruik? Paus Gregorius III wijdt in de Sint Pieterskerk een kapel aan alle heiligen en daarvan valt de wijdingsdatum op 1 november. In 839 kondigt paus Gregorius IV af dat 1 november vanaf nu niet alleen in Rome gevierd wordt, maar een feest is voor alle christenen.

Paus Gregorius leeft in het centrum van de toenmalige wereld (dacht hij). Hij heeft geen idee dat er in een land aan de rand van Europa een feest bestaat in de herfst op een datum die we niet weten en dat mogelijk iets van doen heeft met krijgsheren en bovennatuurlijke geesten, mogelijk toch met oogst. Het is onrealistisch om te zeggen dat Gregorius III op 1 november een kapel voor Allerheiligen heeft gewijd om het feest van samhain te kerstenen. Andersom is het goed denkbaar dat diverse feesttradities die niet zo vast gekoppeld zijn aan een datum, zich hebben gehecht aan christelijke feesten voor de doden zoals Allerheiligen.

In de middeleeuwen verspreidt een nieuwe traditie zich niet zo snel. In 998 breidt abt Odilo van het klooster van Cluny Allerheiligen uit met een speciale dag om alle gestorven medebroeders te gedenken. Zo ontstaat Allerzielen op 2 november. Doordat veel kloosters de regels van Cluny volgden, verspreidt dit feest zich snel door heel Europa, en daardoor Allerheiligen ook.

 

De hedendaagse rituelen van Halloween

Schilderij ‘Dag van de doden’ Aladár Körösfói-Kriesch, 1910.

De feestdagen van 1 en 2 november hebben dus een christelijke oorsprong. Maar het gedenken van de doden is natuurlijk veel ouder. Daardoor kunnen in de christelijke feesten goed elementen zijn opgenomen die mensen al kenden uit vroeger tijden of andere culturen. Zo zie je dat elementen van licht en vuur voorkomen in veel gedenkrituelen voor de doden. In de Romeinse cultuur bestond een traditie om iets te eten apart zetten voor de doden. Voor de Germaanse cultuur is dit niet vreemd: daar bracht men ooit offers voor de doden. Dit ontwikkelt zich tot een bedeltraditie waarin kinderen – namens de doden – aan de deur komen voor een zielenkoek. Natuurlijk wel in ruil voor de belofte om te bidden voor de doden. Overigens kennen we bedelende kinderen ook bij andere feesten: Sint Maarten, Driekoningen, en in sommige streken nog op Sinterklaas (!) of Maria Lichtmis. Zo ook komen verkleedpartijen en het omkeren van de macht (trick or treat) voor bij andere feesttradities.

Waarom is het idee zo populair dat Halloween een keltisch feest met heidense wortels is? In de tijd van de Romantiek van de negentiende eeuw ontstond voor het eerst interesse in traditionele volkscultuur. In Duitsland zie je dat in de belangstelling voor Germaanse cultuur en de sprookjes van de gebroeders Grimm. In de muziek zie je de Noorse Edvard Grieg zich laat inspireren door de volksmuziek. In Ierland wordt men nieuwsgierig naar de oude Keltische cultuur. De negentiende-eeuwse pionier in de antropologie James Frazer is de eerste Samhain en Halloween met elkaar verbindt. Deze Frazier noemt Samhain een oogstfeest en een nieuwjaarsfeest, en legt een verband met mythen over terugkeren van de doden.

Inmiddels is de wetenschap een stuk genuanceerder over de relatie tussen christelijke en pagane feesten. Maar zoals vaak sudderen oude wetenschappelijke theorieën nog heel lang na in de populaire cultuur. Neo-pagane bewegingen hebben de theorie van Frazer omarmd. Voor generaties mensen die zich losmaken van de kerk en van het christelijk geloof, is het prettig om te kunnen zeggen dat een populaire traditie als Halloween geen christelijke feest is. En zoals veel tradities heeft Halloween zelfs in de Verenigde Staten pas in de twintigste eeuw de vorm heeft gekregen die wij nu kennen. Een traditie die mijlenver af staat van de heidens-keltische traditie waar ze zich op beroept.

Maar wel een traditie die uitnodigt om opnieuw vorm en inhoud te geven aan belangrijke zaken zoals vergankelijkheid en dood, het zichtbare en het onzichtbare, angst en vertrouwen.

 

Literatuur:

The Pagan Religions of the Ancient British Isles: Their Nature and Legacy,  Ronald Hutton. Blackwell Publishers, 1991.

Halloween: From Pagan Ritual to Party Night, Nicholas Rogers. Oxford University Press, 2002.

Post Author: Marian Geurtsen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *