Witte Donderdag – Judasstroppen

Judas dacht dat hij dezelfde idealen deelde met Jezus en de hele groep apostelen: “Het leek allemaal een goed plan: Jezus zou de nieuwe koning van de Joden zijn. Hij kwam bevrijding brengen, een Joodse samenleving vrij van de onderdrukking van de Romeinen. De intocht in Jeruzalem zou glorieus zijn. Maar dan wil Jezus de hoofdstad binnenrijden op een ezel. Nou vraag ik je: een ezel! Dat is toch niet de manier om de Romeinse bezetter eruit te gooien? Dat maakt helemaal geen indruk op de bezetters. Ik raakte helemaal in de knoop. Jezus koos een hele andere koers dan ik verwacht had. Maar Jezus vergiste zich, zei ik tegen mezelf, hij moest alleen nog een zetje krijgen in de goede richting. Daarom ben ik gaan onderhandelen met de farizeeën. Zij zochten al een tijd naar een gelegenheid om Jezus gevangen te nemen. Ik hoopte dat Jezus dan zichzelf zou bevrijden, dan ontstond daaruit vast ook het verzet tegen de Romeinen, dacht ik. De farizeeën hebben me met open armen ontvangen. Zij vonden het een gouden kans. Mijn motieven vonden zij niet interessant. Ik legde de soldaten uit hoe ze Jezus konden herkennen. Ik zou Jezus een kus geven. Dat zou niemand mij verhinderen, want ik was immers een van de intieme vrienden van Jezus. Dertig zilverstukken beloofden ze mij voor de deal. Mooi voor de campagnekas, vond ik. Maar ik had nooit gedacht dat de farizeeën Jezus zouden overdragen aan Pilatus, de Romeinse bezetter. Dat ze zouden aandringen op de doodstraf. De Joodse wet staat niet eens de doodstraf toe. Dat bestaat alleen in de Romeinse wet, die alleen Pilatus mag toepassen. Op dat moment kreeg ik spijt. Ik had Jezus verkocht voor dertig zilverlingen, de prijs van een slaaf. Ik wist niet hoe snel ik die zilverstukken terug moest geven aan de farizeeën. Ze wilden ze niet meer hebben, daarom smeet ik ze voor hun ogen op de grond. Maar het hielp niet, mijn verraad was niet meer ongedaan te maken.” Judas kon de anderen niet meer in de ogen kijken. Hij zag nog maar één uitweg: de strop. Verstrikt in keuzes waar geen weg meer terug is.

Judasstroppen – Tsjechië

Jidáše (letterlijk vertaald Judassen) worden in Tsjechië traditioneel gebakken op de ochtend van Witte Donderdag. Hun vorm is symbolisch voor de strop waarmee Judas zichzelf opgehangen heeft. Volgens oud gebruik beschermen judasstroppen tegen ziekten. Dan moet je ze wel eten voor zonsopgang op Witte Donderdag. Dat betekent dus vroeg opstaan!

Ingrediënten

  • 500 gram meel
  • 30 gram verse gist
  • 2 eieren
  • 250 ml lauwe melk
  • 200 gram boter
  • snufje zout
  • geraspte schil van een citroen
  • 2 theelepels citroensap
  • 100 gram suiker

Werkwijze

Los de gist op in ⅓ deel van de melk en ¼ deel van het meel. Laat 15 minuten rusten. Meng het zout door het overige meel en voeg hieraan eieren, citroenschil en sap, suiker en melk en het gistmengsel toe. Kneed een soepel deeg en voeg op het laatst de boter toe. Laat afgedekt 30 minuten rijzen.

Verdeel het deeg in stukken en rol van ieder stuk een lange rol. Vorm hier touwfiguren van. Leg deze op een ingevette bakplaat en laat 15-20 minuten rijzen tot de figuren mooi opgebold zijn. Bestrijk met losgeklopt ei en bak 20 minuten op 170 °C.

Terug naar Zalig gebakken